John Wayne…

Print

Marion Robert Morrison, beter bekend als “John Wayne“, heeft naar verluidt meerdere malen gezegd: “Moed is tot de dood toe angst hebben, maar toch je paard zadelen”.

Op meer dan 300 plaatsen in de Bijbel lezen we dat God zegt dat we géén angst moeten hebben, of zorgen. Wanneer een mens in God’s opdracht handelt, en onder zijn bescherming, is er geen reden om bezorgd of angstig te zijn. Dat klint makkelijker gezegd dan gedaan! Tóch is het een duidelijke, algemeen toepasbare, regel in de Bijbel. Het is zelfs een belófte.

Een in Amerika bekende prediker, Dr. Vance Havner, zei eens -bij de 47e “Moody Founder’s Week Conference”- het volgende:
Hoe vaak zingen we niet ‘Staand op de beloften van mijn Heer en God, ga ik moedig vóórwaarts..’. Maar in plaats van te gaan stáán en gáán, houden we onze stoelen warm!

Angst kan een mens totaal verlammen. Hoe vaak denk je wel niet van jezelf “ik kan niet spreken over de Here God”, of: “ze zullen me uitlachen als ik spreek over Jezus..”. Of: “Ik ben toch helemaal niet geloofwáárdig als ík spreek over Jezus want,..”.

Soms is deze angst volstrekt irreeël. Soms is er wel degelijk reden om angst te hebben. Het is een natuurlijk beschermingsmechanisme. Mensen, evangelisten, in landen waar Christenvervolging is, waar de doodstraf staat op het prediken van het Evangelie, zijn echter opmerkelijk genoeg vaak veel minder angstig -althans, zo lijkt het- dan wij ‘westerse Christenen’. Zij zijn prototypen van de uitspraak van John Wayne; ondanks hun angst “zadelen ze hun paard”.

In Jozua 1:5-10 lezen we meerdere malen dat God tot Jozua zegt dat hij sterk en moedig moet zijn. Jozua was de opvolgen van Mozes en moest met het volk het land Kanaan innemen. Zowaar geen makkelijke klus en het zou niemand verbazen als hij dan ook best angstig en bezorgd was. Maar God is duidelijk: “Wees sterk en moedig [..] wees zeer sterk en moedig”! Daar liet God het niet bij, Hij maakte Jozua duidelijk waaruit hij zijn kracht moest putten:
Dit wetboek mag niet wijken uit uw mond, maar overpeins het dag en nacht, opdat gij nauwgezet handelt overeenkomstig alles wat daarin geschreven is, want dan zult gij op uw wegen uw doel bereiken en zult gij voorspoedig zijn.”

Het Woord van God was de bron waaruit Jozua moest putten. Dat Woord was én is onwankelbaar en vast. Hij moest het wetboek (de eerste vijf bijbelboeken) van Mozes meenemen, het lezen, er over nadenken, het moest in zijn hart zijn; hem vervullen! Dán zou hij sterk en moedig zijn!

Hier zien we dé reden voor de angstige zwákte van de moderne, westerse, Christen en de reden waarom de vervolgde Christenen toch “hun paard zadelen”. Het Woord van God! In onze westerse maatschappij hebben we dat Woord van God links laten liggen. We zijn wel Christen, maar .. niet “van harte”. We noemen ons gelovig, maar ondertussen doen we af aan de kracht van de Bijbel door deze zelfs te (laten) bekritiseren. De Bijbel zelf openen we nauwelijks. Dat in tegenstelling tot hen die in een moeilijke situatie zijn; zij zoeken júist in God’s Woord steun…

In Hebr. 12:12 lezen we dat Paulus zegt: “Heft dan de slappe handen op en strekt de knikkende knieën”. Oftewel, ga stáán! Stáánde op de beloften!

Toen ik zo bezig was hiermee besefte ik me dat ook in mijn leven ‘angst’ vaak een factor is die mij remt. En ik dacht terug aan dat moment in mijn leven waarop een, inmiddels overleden, predikant uit de baptistengemeente me het volgende voorhield (ik was toen 17 jaar):
Niemand schatte u gering om uw jeugdige leeftijd, maar wees een voorbeeld voor de gelovigen in woord, in wandel, in liefde, in geloof en in reinheid.

Natuurlijk waren deze woorden gericht aan Timoteüs. Maar ze staan voor in mijn Bijbel geschreven. Timoteüs kreeg de opdracht om niet om te zien maar te gáán en een vóórbeeld te zijn. Om een wándel te hebben. Woorden spreek je. Wandelen doe je. Het is actief worden. Dat is wat God’s Woord ons voorhoudt. Het warmhouden van de (kerk)stoelen is een zinloze activiteit als hier niet een wándel, een moedig ‘zadelen van het paard’, uit voortvloeit.

> Naar een artikel van Dr. Franklin L. Kirksey

Print

Geef een reactie