Tag: geloof

Geloof jij in sprookjes?

De gelovige kan niet ‘verliezen’

Hoe vaak horen we niet, als gelovige Christenen, dat wij een dom verzinsel nalopen. Dat wij iets geloven dat niet bestaat? Recent las ik nog dat iemand schreef: “Christenen geloven in sprookjes”. Maar, als dat zo is, .. waarom maken anderen zich daar dan druk over?

Geloven Christenen in Sprookjes?Hebt u ooit iemand gehoord die zich druk maakte over het feit dat mensen sprookjesboeken lezen of zelfs enigszins geloven (als kind, bijvoorbeeld)? Als het Christendom een sprookje is, is het des te opmerkelijker dat zij die vinden dat het een sprookje is, en de Bijbel een sprookjesboek, zich daar druk over maken.

Al heel lang is dit debat er. In 1947 vond een lang debat plaats (6, 7, 8, 9 oktober, 1947 in het Harding College Auditorium) tussen JAMES D. BALES (M.A., PH.D.) en WOOLSEY TELLER, één van de mede-oprichters van de “American Association for the Advancement of Atheism”.

Als Bales het woord krijgt opent hij met het volgende:

Ik vraag uw aandacht voor het feit dat ik in deze discussie niets te verliezen heb. Zelfs als mijn vriend hier gelijk heeft. Want, als hij gelijk heeft met zijn claim dat ik het toevallige bijproduct ben van de natuurwetten zal ik mijn leven eindigen net zoals hij. Ik kan niet verliezen. Hoewel ik een leven heb geleefd, dan, in de hoop op een leven na dit leven kan ik toch niet verliezen. Ook als dit een valse hoop is geweest. Ik heb door deze hoop vreugde gekend, fijne dingen meegemaakt, die hij nooit zal kennen. Ik heb hoop, die mij in moeilijke tijden steunt, die hij niet kent. En aan het einde zullen we dan beiden sterven en dat was het dan: we zullen dan, als hij gelijk heeft, dan uit dit leven gaan met een gelijke score. 

Maar, als hij ongelijk heeft en ik gelijk heb, zal hij moeten toegeven dat hij een verschrikkelijke doctrine brengt. De meest verschrikkelijke doctrine die een mens kán brengen namelijk een die een mens alle hoop op een zinvol leven ontneemt; en als we dan ons leven eindigen zal de score niet gelijk zijn. Ik zeg dit niet om aan te tonen dat ik gelijk heb maar om simpelweg te wijzen op het feit dat ik hoe dan ook niet kan verliezen in dit leven. Want door te geloven heb ik álles te winnen en niets te verliezen. En hij heeft álles te verliezen en wint er niets mee.

Is dit een ‘finaal’ argument voor het bestaan van God? Nee. Is dit een finaal argument tégen het atheïsme? Ook niet. Moeten we geloven zien als een soort verzekering? Nee. Want dan zou wat hij hier beschrijft – de vreugde en de hoop die geloof geeft – helemaal niet ervaren worden door de “verzekerings-gelovige”. Geloven doe je omdat je wat de Bijbel zegt als waarheid, De Waarheid, accepteert.

Daarnaast moet ook de atheïst iets geloven. Namelijk dit: geloven dat God niet bestaat. Bewijzen dat God bestaat is volgens de atheïst onmogelijk en daarvoor voert men dan aan dat bijvoorbeeld de mens is ontstaan door evolutie. Echter, zelfs als een zekere vorm van evolutie bewezen kan worden dan nog a) bewijst dit niet dat God niet bestaat en b) vergt dit nog steeds een een geloof namelijk dit geloof: dat uit dode materie een levend organisme kan ontstaan – iets wat nooit bewezen is en ook niet bewezen kan worden.

Het is niet te ontkennen dat Jezus heeft bestaan. De ‘historische Jezus’ is al decennia lang een onderwerp van onderzoek en discussie geweest en de slotconclusie onder historici is: Jezus heeft bestaan, hij heeft geleefd in het toenmalige Israël (of: Palestina, zoals de Romeinen het noemden), hij had veel leerlingen, hij is gekruisigd.

Veel historici onderkennen ook dat de Bijbel op dit gebied, in hun ogen, ‘nagenoeg waarheidsgetrouw moet zijn’. Dat betekent dat dus ook de opstanding van Christus Jezus als feit erkend moet worden. Maar, bovenal moet dan de héle Bijbel als waarheid geaccepteerd worden want wie de Bijbel leest, ziet dat vanaf de éérste hoofdstukken het Bijbel-verhaal, de ‘heilsgeschiedenis’ zoals de Christenen dat noemen, toegeleid wordt naar dat éne hoogtepunt in de historie: de komst van Jezus en de redding van de mensen door geloof in Hem.

Het staat u vrij dit een sprookje te noemen. Maar het gaat niet aan om anderen de hoop en het geluk te ontnemen dat ze hebben mogen ontvangen dóór geloof in Christus Jezus.

Bekering en Wedergeboorte

De Verloren Zoon - Robert Leinweber“wanneer gij u dan tot de HERE, uw God, bekeert en naar zijn stem luistert overeenkomstig alles wat ik u heden gebied, gij en uw kinderen, met geheel uw hart en met geheel uw ziel” – Deut 30:2

Veel Christenen, of beter gezegd, mensen die zoekende en tastende zijn in het geloof, denken dat ‘bekering’ iets is dat God moet ‘inwerken’ of ‘doen. Hun leven lang wachten ze op dat éne moment dat God persoonlijk zal ‘ingrijpen’ in hun leven … vaak strijden ze met geloof, geloofszekerheid, met God. En dat zonder reden. Want, de Bijbel leert ons heel iets anders. Zet de theologische bril vandaag maar (weer) eens af, en kijk wat God’s Woord zélf ons onderwijst.

BEKERING

Bekering is een actie die de mens zelf moet ondernemen. Zie deze en deze link, alle teksten verklaren dat. Heel veel mensen denken dat dat niet mag of kan omdat dat “zelfwerkzaamheid” zou zijn. Vaak opgebracht in de (reformatorische) traditie gruwen veel mensen van het idee dat je zelf tot bekering moet of zelfs zou kunnen komen. Het probleem is echter dat heel veel mensen het verschil tussen wedergeboorte en bekering niet kennen. Dat is namelijk een wezenlijk verschil.

– bekering = de eerste stap, van de mens, naar God. Bekering = afkeren van de zondige levenswandel, inzien dat men een zondaar ís en redding nodig heeft en dit alleen van God kan verwachten. Dat is een ‘aktie’ die altijd de mens zelf moet doen in die zin dat het besef er moet zijn ‘ik ben verkeerd bezig, iemand moet mij redden’, en dan vervolgens naar God keert en roept tot Hem. Dát is bekering.

WEDERGEBOORTE

– wedergeboorte = de vervolgstap. het “uit God geboren” worden, en dat is een heel moeilijk onderwerp voor mensen. Want wat is dat? Nicodemus wist het ook niet (Joh 3). Van Wikipedia:

Wedergeboorte is volgens het christendom een opnieuw geboren worden in een ander mensengeslacht, dat van Jezus, die volgens een traditionele uitleg in de Bijbel de tweede mens wordt genoemd (1 Kor. 15:45-47). Jezus is als Christus het hoofd van een nieuw of ander mensengeslacht in tegenstelling tot Adam, de eerste mens en hoofd van het eerste mensengeslacht. Wedergeboorte in het geslacht van deze Jezus Christus betekent afgesneden worden uit het eerste geslacht van Adam om vervolgens overgezet te worden in het geslacht van Jezus Christus.

De mens kan zich bekeren (“naar God toe keren”), maar het wedergeboren worden, tot het “geslacht van Christus” behoren is vervolgens het werk van God doet in je, ná je bekering. Het “zoonschap” van de gelovige. Dat gééft God vervolgens en kun je je zelf niet toe-eigenen. Hoewel je wel die ‘macht’ hebt staat er:

Johannes 1:12 – “Doch allen die Hem aangenomen hebben, hun heeft Hij macht gegeven om kinderen Gods te worden”.

Het woord ‘macht’ is in onze vertaling een beetje een brakke vertaling, er staat namelijk iets anders: recht (klik hier). Je hebt het recht (!) gekregen een kind van God te worden als je gelooft en je bekeert. Dat is nogal wat! Waarom heb je ‘recht’? Omdat je doet wat de Here vraagt namelijk: je bekeren. En dan geeft Hij vervolgens dat ‘kindschap’, ‘zoonschap’ – dan wórdt je van boven af geboren.

Geloofd zij de God en Vader van onze Here Jezus Christus, die ons naar zijn grote barmhartigheid door de opstanding van Jezus Christus uit de doden heeft doen wedergeboren worden tot een levende hoop – 1 Petr. 1:3

Ik kan u daarom onder verwijzing naar het Woord van God zeggen: neem met een gerust hart die stap, bekéér je, en Hij zal ‘van bovenaf’ u het Kindschap, de Wedergeboorte, geven!

Mijn ‘spijze’ is ….

De Velden zijn wit om te OogstenJohannes 4:31-38
Matteüs 7:15-23

Twee heel verschillende gedeelten hebben we gelezen. Tenminste, zo lijkt het. Maar beide gaan in de kern over het doen van de wil van God.

In het éérste gedeelte in de positieve zin, in het tweede in de ‘negatieve’ zin; zij doen alsóf zij de wil van God deden maar dat was niet het geval.

Mijn spijze [voedsel] is de wil te doen desgenen, die Mij gezonden heeft, en zijn werk te volbrengen“.

 

Lees verder (PDF)

 

Amish on Break

Een schitterende, met respect voor de achtergronden van de jongeren, gemaakte documentaire over jonge Amish die “de wereld gaan proeven”. Een gewoonte binnen de Amish-cultuur (dat is, bij een aantal Amish-gemeenschappen) om de jongeren een kans te geven een weloverwogen beslissing te maken: wil je leven als Amish, je laten dopen en tot de (geloofs)gemeenschap behoren, of wil je een ander leven?

(Engelstalig, niet ondertiteld)

De uitverkorenen van God

Deze Bijbelstudie is een soort van ‘woordstudie’, aan de hand van een woord of begrip willen we diverse delen in God’s Woord naslaan op de betekenis van het woord; in de context én wat het voor ons, als gelovigen, betekent.

De kerntekst, het kernbegrip, is ‘De Uitverkorenen van God‘ – Rom 8:33.

Wanneer Paulus begint in 8:31 met: ‘wat zullen wij dan over deze dingen zeggen’ grijpt hij terug naar wat hij eerder schreef; het feit dat zij die in Christus geloven niet verloren gaan – 8:1 “Geen verdoemenis [NBG: veroordeling] meer voor hen’. Waarom is er géén verdoemenis, waarom worden de gelovigen niet veroordeeld en gaan zij niet verloren, worden ze niet veroordeeld tot de eeuwige straf die op elk mens rust?

> Lees verder: “De Uitverkorenen van God” (PDF, 10 pagina’s, a4)

Relevant zijn..?

INLEIDING

Ik las een brochure van een broeder, Dr. Johnson C. Philip, uit de Vergadering v. Gelovigen uit India (daar zijn door de vroegere Engelse invloed erg veel broeders en zusters die tot ‘de broeders’ oftewel de VvG behoren).

Een opmerkelijk man, hij was wetenschapper en bestudeerde de evolutie intensief. Bij die studie kwam hij tot de conclusie dat de evolutie-theorie niet kon kloppen. Hij kwam tot geloof en werd een voorvechter van het Creationisme. Hij is directeur van de “Brethren Bible School”. Dit even ter inleiding, omdat ik denk dat niemand van jullie hem kent (ik volg hem al een paar jaar en heb een aantal stukken van zijn werk en ander werk wat hij beschikbaar heeft gesteld verwerkt in artikelen van het BijbelCollege).

ANALYSE PROBLEEM

In zijn brochure “What can one person do?” schrijft hij over het feit dat sommige (Christelijke) bewegingen erg populair worden ondanks het feit dat het centrale thema van zo’n beweging niet erg de moeite waard is. Dit stelt mensen die strijden voor ‘een goede zaak’ soms erg teleur, zo zegt hij. En dat is waar. Ik ken veel broeders (voorgangers, evangelisten) en zusters die een leven lang ‘ploegen op de rotsen’ en maar zeer weinig vrucht op hun werk zien. Dit frustreert hen, ze zien naar de kleine kudde, het bescheiden werk, de weinige vrucht –in hun eigen ogen– die hun werk draagt en ze vragen zich af: “Hoe kan dat toch??”.

Dr. Philip constateert, vanuit zijn jarenlange ervaring als ondermeer directeur van de Bijbelschool:

Every activist should understand that even if a given theology, doctrine, principle, or issue is vital for people or society, they will take interest in it only if it has an IMMEDIATE and PRACTICAL application. An activist understands the fundamental issues involved, but people do not. He understands the long-term implications, but people do not. What is more, most people find it difficult to commit themselves to long-term goals. That is why 80% of students in any education system need to be prodded through a system of carrot and stick to make them study. Only about 20% students will have any self-motivation, even in the best school and the most ideal environment. (p.14)

Vertaald/samengevat: mensen zijn, in 80% van de gevallen, alleen geïnteresseerd in die zaken die direct en praktisch toepasbaar zijn. Slechts 20% van de mensen kan de lange-termijn gedachte volgen en is daardoor gemotiveerd. Daarom, zo zegt hij, moet 80% van de studenten dan ook vaak “met wortel en stok” (geweldige uitdrukking!) door een opleiding heen worstelen. Omdat ze het lange-termijn doel, diploma en de vrucht daarvan, een carrière, niet eens kunnen zien.

De afgelopen dagen dacht ik na over wat hij geschreven heeft. In eerste instantie dacht ik: “Hij gaat nu toch niet beweren dat we een soort van laagdrempelig evangelie moeten gaan prediken?”. Maar gelukkig was dat niet het geval..

Dr. Philp schrijft verder: “onmiddellijke behoeftebevrediging zonder te denken aan de toekomst is uitgegroeid tot het heersende ethos wereldwijd” – en dat is iets wat we de afgelopen 20 jaar ook in het Christendom hebben gezien. We hoeven geen namen te noemen of die bewegingen wederom voor het voetlicht te brengen.

Waar het om gaat hier is wat Dr. Philip hier (verder) naar voren brengt:

een publiek overtuigen alleen op basis van ideologie of beginselen, die juist en waar zijn, maar die het publiek niet kan bevatten (–zie eerder, de 80%–) is waar een groot aantal gevechten (–om de zielen–) wordt verloren. Niet omdat de boodschap of de waarheid verkeerd was, maar omdat de boodschap niet werd uitgelegd in het idioom dat de massa begrijpt. De urgentie en het punt van de boodschap werd niet duidelijk gemaakt of was niet voor de hand liggend voor mensen. Anderen -met triviale zaken- krijgen hondsdolle ondersteuning van mensen en ze hebben hen met gemak voor hun zaak gewonnen.

Als voorbeeld noemt hij “de communistische zaak”. Een ideologie die massa’s mensen aansprak omdat deze “direct voordeel” leek te bieden. Zo ook bijvoorbeeld het Fascisme. Werk, geld en eten. Direct voordeel. Een man als Geert Wilders heeft dat ook goed begrepen; roep dingen waar mensen direct mee instemmen, roep dingen waarvan zij ook vinden dat het gebeuren moet, doe “korte termijn beloftes”, liefst ook nog beloftes die appelleren aan “de onderbuik” en de meute loopt juichend (“hondsdol” noemt dr. Philip dat) achter je aan.

Een vlijmscherpe analyse, als je het mij vraag. Vervolgens gaat hij in zijn boekje in op hoe en waar we als Christenen kunnen proberen de boodschap van het Evangelie onder de aandacht te brengen. Tijdschriften, kranten, internet enz., enz. Maar los van de technieken wijst hij ook op iets anders. Zijn “succes” –dwz aandacht voor de boodschap die hij bracht– kwam pas na zo’n 40 jaar “ploegen op de rotsen”. Hij roept de gelovige op om zichzelf toe te wijden en “het verloren grondgebied terug te veroveren”.

Waar ik echter de afgelopen dagen mijn gedachten over heb laten gaan is met name de vraag -die hij in mijn ogen niet beantwoordt namelijk- hoe je de Boodschap van het Evangelie onder de aandacht brengt op een zodanige manier dat die 80% van de mensen die “direct resultaat” zoekt, verwacht, en alleen maar een korte-termijn visie heeft, er door aangesproken wordt. Zijn technieken en suggesties pas ik namelijk zelf al toe, gedeeltelijk. En ik zie daarbij –als je het zo mag noemen– dezelfde “succesratio”.

HET EVANGELIE

De “gemeente-groei beweging” heeft antwoorden gegeven, gevonden, kennelijk. De “massa” (alhoewel dat ook maar relatief is want zoveel zijn het er uiteindelijk niet) is er door aangesproken met als gevolg dat er een aantal ‘mega-kerken’ zijn. Ook in Nederland. Die kerken richten zich zeer nadrukkelijk op het “hier en nu” aspect, maar verliezen daarbij meer en meer het “lange termijn aspect” uit het oog. De boodschap van Redding en Verlossing is ondergesneeuwd, voor zover zelfs nog relevant in hun prediking en werk. Alles lijkt gericht op het “hier en nu”: zo prettig mogelijke kerkdiensten, appellerende aan het gevoel, de “gevoelde noden”, enz., enz. (maar nogmaals: daar hoeven we het verder niet over te hebben nu).

KERNPROBLEEM

In gemeenten en kerken waar wél de nadruk wordt gelegd op de Redding en Verlossing door het bloed van Christus zie je slechts kleine aantallen bezoekers. Dit is dus, als je voorgaande op je laat inwerken, helemaal niet verwonderlijk:

-1- slechts 20% van de mensen kan uit de voeten met een “lange termijn boodschap” (eeuwig leven, toekomst met de Here e.d.);

-2- van die 20% is slechts een klein gedeelte geïnteresseerd in geloof (volgens de huidige statistieken is slechts 2% van de bevolking in Nederland wedergeboren Christen). Zij hebben immers een andere opvatting aangereikt gekregen wat beter past bij de zondige natuur van de mens: de evolutie-theorie. Als ik dan kijk naar bijvoorbeeld de gemeente waar ik zelf toe behoor zie ik dat in de plaats waar deze is gevestigd de maximale omvang van een dergelijke gemeente —in de meest ideale omstandigheden— rond de 40 tot 50 leden zal kunnen zijn. Van gemeenten uit andere grote(re) plaatsen weet en ken ik dezelfde aantallen.

Per saldo zal een (nieuw te stichten) Bijbelgetrouwe gemeente over het algemeen daarom slechts 2% van 20% = 0,4% van de bevolking aan spreken. We missen daarmee als kerken en gemeenten 2% van 80% = 1,6% (hey, toevallig of niet? Samen 2%!) van de mensen. Die kunnen we niet bereiken omdat we kennelijk niet (meer) in staat zijn deze mensen een boodschap te brengen die óók voor het “hier en nu” relevant is!

VROEGER TOEN,…

Zoals jullie wellicht wel hebben gemerkt mag ik graag een beetje in de geschiedenis duiken. Als ik kijk naar predikers als Moody, Spurgeon, de Wesley’s, e.v.a. dan waren deze mannen kennelijk wél in staat “het grote publiek” te bereiken.

Hun boodschap was niet anders dan wat tegenwoordig in veel Bijbelgetrouwe, vaak kleine, gemeenten onderwezen wordt. Wat mij tot de conclusie brengt dat het dus wel degelijk mogelijk moet zijn met de boodschap van de Bijbel, de boodschap van Redding en Verlossing door het bloed van Christus, zónder “toeters en bellen”, de “massa” te bereiken. De opwekkingen (Great Awakening I & II, Nijkerkse beroering, opwekking in Wales e.d.) hebben dit bewezen.

De vraag waar ik nu mee blijf zitten, en nog geen antwoord op heb gevonden, is: hoe vertaal je de Bijbelse boodschap zodanig, dat ook “de massa” hier oren naar krijgt… Want laten we één ding niet vergeten: het gaat hier om zielen die verloren gaan –dag in, dag uit! Oók in Nederland, of moet ik zeggen: Júist in Nederland?

Reageren? Zie het BijbelForum

De Lofzang van David

Prediking, EBG Leek, 27-12-2009

  • 1 Kronieken 15:1-3, 15:25-16:3
  • 1 Kronieken 16:7-36

Wij denken, net als David, nog altijd te kunnen bepalen hoe wij God, de Here, moeten ontvangen. Wij denken dat we één groot feest met alle toeters en bellen moeten organiseren.. is dat omdat God daarmee een plezier gedaan wordt? Of,… plezieren we ons zelf daar mee?

Hoe wil Christus ontvángen worden door ons. Hij die de “stervlings zaligst goed”(Gezang 10) is? Hoe wil Hij worden ontvangen?

David werd veranderd..

> Lees verder (PDF)

Wedergeboorte, handopsteking?

Waarschuwing:
dit artikel kan in een bepaalde zin nogal schokkend of confronterend zijn voor sommige lezers.

De laatste weken lag er een artikeltje op mijn buro, heel kort, paar alinea’s, van een Amerikaanse baptistenpredikant. Ik had er al eerder over gelezen; in de VS, met name, is de zogenaamde ‘altar call’ -de oproep tot wedergeboorte- hevig onder vuur komen te liggen.

Reden hiervoor is, met name, het feit dat steeds meer baptistenpredikanten een vorm van verbondsleer aan gaan hangen. Hetgeen het betreffende artikeltje besprak.

Ook in Nederland is het nodige veranderd rondom de ‘oproep tot bekering’ de laatste jaren. Tegenwoordig worden mensen gevraagd middels ‘handopsteking’ of door te gaan staan kenbaar te maken ‘bij Jezus te willen horen’.

Beide fenomenen lieten mij de laatste tijd niet echt los. Is dit Bijbels? Verhinderen we (enerzijds) mensen niet om tot Christus te komen en, anderzijds, sturen we ze niet met een kluitje het riet in (namelijk: met een onjuiste ‘bekeringservaring’)?

Met als resultaat het volgende artikel/de volgende studie:

zondaarsgebed_handopsteking (a4-formaat, 6 pagina’s, PDF).

John Wayne…

Marion Robert Morrison, beter bekend als “John Wayne“, heeft naar verluidt meerdere malen gezegd: “Moed is tot de dood toe angst hebben, maar toch je paard zadelen”.

Op meer dan 300 plaatsen in de Bijbel lezen we dat God zegt dat we géén angst moeten hebben, of zorgen. Wanneer een mens in God’s opdracht handelt, en onder zijn bescherming, is er geen reden om bezorgd of angstig te zijn. Dat klint makkelijker gezegd dan gedaan! Tóch is het een duidelijke, algemeen toepasbare, regel in de Bijbel. Het is zelfs een belófte.

Een in Amerika bekende prediker, Dr. Vance Havner, zei eens -bij de 47e “Moody Founder’s Week Conference”- het volgende:
Hoe vaak zingen we niet ‘Staand op de beloften van mijn Heer en God, ga ik moedig vóórwaarts..’. Maar in plaats van te gaan stáán en gáán, houden we onze stoelen warm!

Angst kan een mens totaal verlammen. Hoe vaak denk je wel niet van jezelf “ik kan niet spreken over de Here God”, of: “ze zullen me uitlachen als ik spreek over Jezus..”. Of: “Ik ben toch helemaal niet geloofwáárdig als ík spreek over Jezus want,..”.

Soms is deze angst volstrekt irreeël. Soms is er wel degelijk reden om angst te hebben. Het is een natuurlijk beschermingsmechanisme. Mensen, evangelisten, in landen waar Christenvervolging is, waar de doodstraf staat op het prediken van het Evangelie, zijn echter opmerkelijk genoeg vaak veel minder angstig -althans, zo lijkt het- dan wij ‘westerse Christenen’. Zij zijn prototypen van de uitspraak van John Wayne; ondanks hun angst “zadelen ze hun paard”.

In Jozua 1:5-10 lezen we meerdere malen dat God tot Jozua zegt dat hij sterk en moedig moet zijn. Jozua was de opvolgen van Mozes en moest met het volk het land Kanaan innemen. Zowaar geen makkelijke klus en het zou niemand verbazen als hij dan ook best angstig en bezorgd was. Maar God is duidelijk: “Wees sterk en moedig [..] wees zeer sterk en moedig”! Daar liet God het niet bij, Hij maakte Jozua duidelijk waaruit hij zijn kracht moest putten:
Dit wetboek mag niet wijken uit uw mond, maar overpeins het dag en nacht, opdat gij nauwgezet handelt overeenkomstig alles wat daarin geschreven is, want dan zult gij op uw wegen uw doel bereiken en zult gij voorspoedig zijn.”

Het Woord van God was de bron waaruit Jozua moest putten. Dat Woord was én is onwankelbaar en vast. Hij moest het wetboek (de eerste vijf bijbelboeken) van Mozes meenemen, het lezen, er over nadenken, het moest in zijn hart zijn; hem vervullen! Dán zou hij sterk en moedig zijn!

Hier zien we dé reden voor de angstige zwákte van de moderne, westerse, Christen en de reden waarom de vervolgde Christenen toch “hun paard zadelen”. Het Woord van God! In onze westerse maatschappij hebben we dat Woord van God links laten liggen. We zijn wel Christen, maar .. niet “van harte”. We noemen ons gelovig, maar ondertussen doen we af aan de kracht van de Bijbel door deze zelfs te (laten) bekritiseren. De Bijbel zelf openen we nauwelijks. Dat in tegenstelling tot hen die in een moeilijke situatie zijn; zij zoeken júist in God’s Woord steun…

In Hebr. 12:12 lezen we dat Paulus zegt: “Heft dan de slappe handen op en strekt de knikkende knieën”. Oftewel, ga stáán! Stáánde op de beloften!

Toen ik zo bezig was hiermee besefte ik me dat ook in mijn leven ‘angst’ vaak een factor is die mij remt. En ik dacht terug aan dat moment in mijn leven waarop een, inmiddels overleden, predikant uit de baptistengemeente me het volgende voorhield (ik was toen 17 jaar):
Niemand schatte u gering om uw jeugdige leeftijd, maar wees een voorbeeld voor de gelovigen in woord, in wandel, in liefde, in geloof en in reinheid.

Natuurlijk waren deze woorden gericht aan Timoteüs. Maar ze staan voor in mijn Bijbel geschreven. Timoteüs kreeg de opdracht om niet om te zien maar te gáán en een vóórbeeld te zijn. Om een wándel te hebben. Woorden spreek je. Wandelen doe je. Het is actief worden. Dat is wat God’s Woord ons voorhoudt. Het warmhouden van de (kerk)stoelen is een zinloze activiteit als hier niet een wándel, een moedig ‘zadelen van het paard’, uit voortvloeit.

> Naar een artikel van Dr. Franklin L. Kirksey

Was Jezus vervloekt!?

Op het Bijbelgetrouw-forum werd gevraagd hoe het kon dat Christus Jezus, die zelf immers God is, tot God kon bidden. Hoe kon Hij bijvoorbeeld aan het kruis roepen, als Hij zelf God is, “Mijn God, Mijn God, waarom hebt Gij mij verlaten?”.

Een belangrijke vraag, die feitelijk tot de kérn van het Christelijke belijden doordringt. Want, Christenen belijden dat Jezus een duale natuur had: Hij was de ‘zoon des mensen’ maar ook de ‘zoon van God’. Sterker, Christenen geloven dat God zélf, in de mens Jezus, naar de aarde toekwam. Hoe “kon God dan Zichzelf verlaten?”. Hoe is het mogelijk dat Jezus “tot Zichzelf bad?”.

1. Ten eerste moeten we beseffen dat de méns Jezus vollédig mens was. Hij werd geboren úit een vrouw (meisje): Maria. Net als elk ander mens. Maar Zijn óórsprong was wel anders; Hij bestond reeds bij God. Hoe kon God Hem immers zenden als dat niet zo was? Door heel het Oude Testament heen lezen we daarover!

2. als tweede moeten we vaststellen dat we met dergelijke vragen -wellicht onbedoeld- ons menselijke begrip, ons onvermogen feitelijk, willen opleggen aan God’s grootheid, wijsheid en.. alom-tegenwoordigheid! God ís niet gebonden aan een menselijk lichaam! Johannes 4:24 zegt immers:
God is geest en wie Hem aanbidden, moeten aanbidden in geest en in waarheid.” Hoe zou God’s Geest zijn gebonden aan een ménselijk lichaam?

Galaten 3:13 zegt dat de Here Jezus door God werd vervloekt, vanwege ónze zonden:
Christus heeft ons vrijgekocht van de vloek der wet door voor ons een vloek te worden; want er staat geschreven: Vervloekt is een ieder, die aan het hout hangt“.

Hier zien we de “Zoon des Mensen”, welke door God verlaten was.. Voor veel Christenen zal dit als een schok komen. Hoe kon God nou zijn éigen Zoon vervloeken? Dit was echter, zoals Paulus laat zien, een noodzakelijkheid. Zou God dat niet hebben gedaan, dan waren onze zonden niet vergeven!

Ds. Wim Malgo schreef hierover: “U kunt de Zoon van God niet scheiden van de Zoon des mensen. God heeft Zijn Zoon in de gestalte van een mens overgegeven. Het kruis is geen theorie maar een verschrikkelijke werkelijkheid! Aan deze met bloed doordrenkte balken doorleefde de Eeuwige Zoon van God de hele gruwelijke diepte van het tot zonde gemaakt zijn”.

2 Kor 5:21
Hem, die geen zonde gekend heeft, heeft Hij voor ons tot zonde gemaakt, opdat wij zouden worden gerechtigheid Gods in Hem.

God zag aan het kruis niet meer zijn Zoon, maar de zonde van deze wereld. En daarover moest vergelding worden gedaan. Dáárom riep Hij uit: “Mijn God, Mijn God, waarom hebt Gij mij verlaten!”. God hád Hem verlaten, daar, aan dat kruis! De zonde van Adam en zijn nakomelingen, verpersonificeert in één mens, één offer, een “Lam dat geslacht werd” (Openb. 5:6, 12, 13:8). God keerde zich daarom van deze mens af en vervloekte Hem.

Rom 8:32
Hoe zal Hij, die zelfs zijn eigen Zoon niet gespaard, maar voor ons allen overgegeven heeft

Zoals gezegd: we raken hier de kérn van het Christelijke geloof! Het feit dat een mens, een zondeloos mens en dús het perfecte offer, moest sterven voor de zonde van mij én U. Beseft U zich wat Christus Jezus’ komst naar deze aarde feitelijk betekent? Dat de zonde, welke “aan u kleeft”, zoals de Bijbel zegt, er voor gezorgd heeft dat een zondelóós mens moest sterven? Dat was Liefde!

Johannes 3:16
Want God had de wereld zo lief dat hij zijn enige Zoon heeft gegeven, opdat iedereen die in hem gelooft niet verloren gaat, maar eeuwig leven heeft. (NBV)