Tag: Priesterdienst

Leviticus

Eén van de boeken die de meeste Christenen nauwelijks lezen is Leviticus. Genesis en Exodus zijn nog wel redelijk bekend, maar Leviticus? Het, op zijn minst globaal, kennen van dit boek is echter van groot belang. Eerlijk is eerlijk, het is geen “literatuur die lekker wegleest”. Maar aan de andere kant: het hoort bij de Bijbel en dat is niet voor niets!

Leviticus Alle vijf boeken van Mozes (Genesis tm Deuteronomium) vormen één geheel.

Ze beginnen dan ook steeds met een verwijzing naar het voorgaande boek middels het woordje: “En..”. Helaas is dat in onze Nederlandse vertaling (NBV) weggehaald. Deze begint met “De HEER riep Mozes..“. De Engelse, KJV en ASV, begint met: “And Jehovah called unto Moses”. Om aan te geven dat de boeken één geheel zijn. De énige Nederlandse vertaling die dit ook doet is de StatenBijbel: “En de HEERE riep Mozes”… Dit is dan ook de juiste weergave. Zo is, ook vanuit de brontekst, duidelijk dat deze boeken één geheel vormen en als zodanig gezien moeten worden (net als dat de Bijbel uiteraard één geheel vormt).

Leviticus begint waar Exodus eindigt; de Tabernakel is gereed en nu spreekt de Here tot Mozes in de Tabernakel: “En de HEERE riep Mozes, en sprak tot hem uit de tent der samenkomst” (1:1, SV).

De naam van het boek komt van de Griekse vertaling; het betekent “aangaande de Levieten”, maar de instructies in het boek zijn voornamelijk bedoeld voor de priesters die slechts een klein deel van de stam van Levi uitmaakten. Het boek zou daarom net zo goed “Een handleiding voor de Priesterdienst” kunnen heten!

Leviticus en de Christen
Veel Christenen zien de waarde van Leviticus niet. Maar, in de Hebreeën-brief wordt juist duidelijk dat de rituelen van de Wet van Israël een type en geestelijke les zijn voor de gelovige. Alle offers in Leviticus wijzen ons op dat éne offer: Christus! Daarnaast toont het boek hoe een zondig mens tot de Heilige God kan naderen; het sleutelwoord in het boek is dan ook: Heilig.

Leviticus 19:2
Spreek tot de ganse vergadering der Israëlieten en zeg tot hen: Heilig zult gij zijn, want Ik, de HERE, uw God, ben heilig.”

Structuur van het boek
Leviticus kan in vier hoofdthema’s verdeeld worden:

  1. Naderen tot God (1-10)
    De twee éssentiële zaken voor het naderen tot God zijn:
    – Offers (1-7)
    – Priesters (8-10)
  2. Ceremoniële reiniging (11-16)
    God leert Zijn volk dat zij onderscheiden zijn van andere volken. Tot in de kleinste details zijn zij onderscheiden van andere volken, zelfs in het voedsel dat zij tot zich mochten nemen. Er wordt tevens onderscheid onderwezen tussen morele én geestelijke onreinheid.
  3. Israël God’s Heilige volk (17-22)
    Het woord “heilig” komt van [de stam van] het woord dat betekent “apart gezet”. Zie ook onder het 2e punt. Het volk wordt onderwezen in het feit dat er absolute standaarden zijn, gebaseerd op het Heilige karakter van God. Absolute standaarden zijn niet beïnvloedbaar door de mens of de ‘tijdgeest’, zij zijn tevens niet tijd- of cultuur-gebonden!
  4. Feesten en geloften (23-27)
    Náást de wekelijkse sabbat kende Israël zeven ‘feesten‘, inclusief een vasten. De feesten zijn verdeeld over het jaar; de eerste vier in het voorjaar en de vroege zomer, de laatste drie in de herfst. 

In het hele boek klinkt de vooruitblik, het verlangend uitzien, door naar de komst van dat éne Offer: Christus Jezus.

Exodus: Verlossing

Reis ExodusHet boek Exodus is het verslag van de verlossing uit de Egyptische slavernij. De nakomelingen van Abraham die bevrijd worden uit de onderdrukking. Het hele boek is een type van verlossing.

Daarnaast wordt (summier) een soort van ‘reisverslag’ gegeven van de veertig jaren welke het volk in de woestijn doorbracht (klik op de kaart).

Zoals in alle situaties waarbij er sprake is van verlossing zijn aanbidding, gemeenschap en dienst doen aan God uitdrukkingen van de [dankbaarheid voor de] verlossing. Exodus -in het geven van de wet, de verplichtingen en beschrijvingen van de offers, het instellen van de priesterdienst- is niet alleen het boek van verlossing maar, als type, van de condities waarop elke relatie met God berust. Algemeen gesteld kun je zeggen dat Exodus onderwijst dat verlossing noodzakelijk is voor een relatie met God en dat zelfs een verlost volk géén relatie met God kan hebben zonder zich (constant) te reinigen van de zonde.

In de Galatenbrief wordt de relatie uitgelegd tussen de Wet (dat is uiteraard de gehéle wet, en niet alleen de tien geboden!) en het verbond met Abraham. In de tien geboden, die de Wet samenvat, onderwijst God aan het volk Israël zijn ‘eisen’. Het is de Wet die het volk leert dat zij ten opzichte van een Heilig God schuldig staan door hun zonde. Zij zijn door Hem verlost uit de slavernij, maar dat betekent niet dat ze daardoor verlost zijn van hun zondige toestand en staat! De priesterdienst en de offers voorzien in de reiniging en verlossing van deze zonde; een beeld of type van het werk van Christus Jezus.

Naar: inleiding op Exodus, Scofield Study Bible